logo
menu
 
Sint Bonifatius Informatie Onderwijs ABC

img_9409header


Ons eigen onderwijs ABC!

Aanname beleid

Wij verwachten van ouders bij het aanmelden van een kind een bewuste keuze voor onze school. Voorwaarde voor aanname van nieuwe leerlingen is dan ook, dat ouders de uitgangspunten van onze school onderschrijven danwel respecteren. Het betreft de volgende twee uitgangspunten:
- een katholieke levensbeschouwing;
- de basisprincipes van het Jenaplan.

De directie stemt de aanmelding van nieuwe kinderen voor onze school altijd af met betrokkenen. Hierbij wordt rekening gehouden met het belang van het kind, het belang van de school, de draagkracht van de groep(en) en stamgroepleiders, alsmede de beschikbare middelen. Als er geen beletselen zijn, worden kinderen in de hieronder beschreven volgorde aangenomen:
- broertjes en/of zusjes van leerlingen van de school worden met voorrang aangenomen;
- katholieke kinderen uit het voedingsgebied van de parochie Dokkum worden vervolgens aangenomen;
- kinderen die door verhuizing binnen het voedingsgebied van de school komen wonen en voorheen op een katholieke en/of Jenaplanschool zaten, worden dan aangenomen;
- in geval van ruimtegebrek geldt voor andere aangemelde kinderen: wie het eerst komt...

Indien ouders een kind tussentijds aanmelden is dat alleen mogelijk, als alle basisschool bezoekende kinderen uit dat gezin tegelijk worden aangemeld. Er kan hierop een uitzondering worden gemaakt, als een kind al in groep 8 zit of in zeer uitzonderlijke omstandigheden ter beoordeling aan de directie. In alle gevallen wordt tussen de beide scholen de informatie uitgewisseld die noodzakelijk is om het kind goed op de nieuwe school te kunnen begeleiden. Het wettelijk verplichte onderwijskundige rapport maakt onderdeel uit van die overdracht.

AVI-niveau

Analyse van Individualiseringsvormen. De AVI-niveaus, die u vindt op leesboeken voor kinderen, geven de moeilijksgraad van teksten aan wat betreft zinsopbouw, woordkeus en het onderwerp van de tekst.

Cito

Centraal Instituut voor Toetsontwikkeling. Cito ontwikkelt toetsen, examens en volgsystemen. Wij gebruiken de Cito toetsen. Zo volgen wij de vorderingen van individuele leerlingen, groepen leerlingen en het onderwijs op onze school. In groep 8 doen kinderen bij ons het drempelonderzoek (zie Drempeltoets).

Directeur

De directeur is verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding van de school en belast met voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het beleid op schoolniveau. De directeur is daarmee de eerst aangewezen gesprekspartner van zowel het team, de Medezeggenschapsraad (MR), de Schooladviescommissie (SAC) als de oudervereniging (OV) c.q. ouderraad (OR).

Drempeltoets

In februari wordt bij de leerlingen van groep 8 het drempelonderzoek afgenomen. Deze toets kent een intelligentie en een sociaal-emotioneel deel. De drempeltoets biedt inzicht in kennis- en aanlegfactoren, waardoor de samenhang tussen die prestaties en de mogelijkheden naar voren komt. Tevens wordt via een reeks vragen aan de leerling nagegaan in hoeverre bepaalde gedragskenmerken een leerbevorderende dan wel leerbelemmerende invloed kunnen hebben. De drempeltoets wordt afgenomen op één dag.

Dyscalculie

Rekenstoornis die dikwijls samengaat met een aantal andere beperkingen, zoals gebrek aan ruimtelijk inzicht of moeite met klokkijken.

Dyslexie

Leesstoornis. Kinderen met dyslexie hebben vaak problemen met het leren lezen èn schrijven, maar deze problemen komen ook los van elkaar voor.

Emotionele intelligentie (EQ)

De capaciteit om onze eigen gevoelens en die van anderen te herkennen en daarop in te spelen.

Er op uit + Cultuur

Als Jenaplanschool gaan we er geregeld op uit om dingen zelf te bekijken of zelf te onderzoeken. In de kleuter- en middenbouw is dat onder begeleiding van een leerkracht of ouder. In de bovenbouw gaan kinderen er ook in twee- of drietallen zelfstandig op uit. Als u dat laatste voor uw kind niet wilt, geeft u dat dan even aan ons door.

Fruit eten

In de hele school wordt 's morgens fruit gegeten in de kring. Gezellig en gezond!

Geschiedenis van onze school

Zoals op veel plaatsen is ook in Dokkum het stichten van een katholieke school iets van een lange adem geweest. Al in 1897 werd een schoolfonds opgericht om (met centen en stuivers) te sparen voor een eigen katholieke school. Met giften uit het hele land lukte het uiteindelijk en werd op 9 juli 1913 de eerste steen gelegd. Op de plaats waar deze school stond, is nu de ingang van het nieuwe stadhuis.

In 1962 werd de oude school afgekeurd. Besloten werd tot de bouw van een nieuwe school aan de Kapellaan, waar op 20 mei 1967 een drieklassige school werd geopend. In 1970 werd Paul Brouwer directeur. Hij had daarvoor op een Jenaplan gewerkt en voerde langzaam maar zeker ook hier de ideeën van Peter Petersen in. Toen we in 1983 onze eigen kleuterschool kregen, steeg het aantal leerlingen. Ook steeds meer niet-katholieke ouders konden zich vinden in de manier, waarop er samen geleerd en gewerkt werd.

In het begin was het kerkbestuur ook het schoolbestuur. In 1966 werd dat los gekoppeld en kregen we een eigen schoolbestuur. In 1996 zijn we opgegaan in een groot bestuur: SKPOF/T, dat de katholieke scholen in Friesland en Texel beheerde. In 2003 verandere deze zijn naam in de Bisschop Möller Stichting.

Gevonden voorwerpen

Als uw kind kleding, een tas of een fruitbakje kwijt is, kijk dan eens in de bak gevonden voorwerpen. De school is niet wettelijk aansprakelijk voor vermissing van uw eigendommen. Zo nu en dan ruimen we alle spullen op. Het komend jaar gaan deze spullen naar het Leger des Heils.

Hoogbegaafdheid

Kinderen met een IQ vanaf 130, die daarnaast creatief zijn en over veel doorzettingsvermogen beschikken, worden hoogbegaafd genoemd.

Incidenten aanpak

Daar waar kinderen samen zijn, zullen af en toe incidenten ook ontstaan. Om grensoverschrijdend gedrag te voorkomen, zijn de stamgroepleiders voorspelbaar, betrouwbaar, op de relatie gericht en geven structuur. Elk kind wordt de kans geboden om datgene te veranderen, wat gisteren niet goed is gegaan.

Wanneer grensoverschrijdend gedrag de veiligheid van een kind of een groep in gevaar brengt, treden de stamgroepleiders op. In geval van grensoverschrijdend gedrag hanteert de school voor alle kinderen de uitgangspunten van de Kanjeraanpak, die drie fases kent:

1. Allereerst stelt de stamgroepleider de vraag: ‘is het je bedoeling om…’ De achterliggende gedachte is dat het kind misschien niet in de gaten heeft, wat het op dat moment zegt of doet. Zo krijgt het kind even denktijd. Als het niet de bedoeling is, dan wordt het kind uitgelegd hoe het de volgende keer beter kan handelen en worden er excuses aangeboden aan de betrokkene. Als het wèl de bedoeling is, wordt het kind voor een paar minuten uit de groep gezet.

De stamgroepleider komt even later dezelfde vraag weer stellen. Als het bij nader inzien toch niet de bedoeling was, wordt het kind alsnog uitgelegd hoe het volgende keer beter beter kan handelen en worden er ook alsnog excuses aangeboden aan de betrokkene. Als het toch wèl de bedoeling was, gaat de stamgroepleider het gesprek aan. Vaak is er een achterliggende gedachte of een gebeurtenis aan het incident gekoppeld. Hier wordt dan over gesproken. Soms is het zo, dat er meerdere kinderen bij betrokken worden. Er wordt over de gebeurtenis gesproken en er wordt door de stamgroepleider uitleg gegeven over de gevoelens en reacties van de verschillende kinderen. Dan ondersteunt de stamgroepleider het kind bij het ontwikkelen van ander gedrag. Bijna altijd worden er vervolgens alsnog excuses aangeboden en gaat het kind terug naar de stamgroep. Als dit laatste niet het geval is, volgt fase 2.

2. Het kind krijgt van de stamgroepleider te horen, dat hij of zij zich niet aan de afspraak 'ik ben te vertrouwen' houdt. Als het kind te vertrouwen wil zijn, moet het kind ander gedrag laten zien. De stamgroepleider helpt het kind bij het ontwikkelen van ander gedrag. Er wordt aan het kind gemeld, dat de ouders geïnformeerd gaan worden over het voorval. Het kind gaat terug naar de groep met een eerste waarschuwing.

3. Als zich nu nogmaals een incident voordoet, wordt het kind uit de groep verwijderd, totdat er een gesprek met de ouders heeft plaatsgevonden. Het kind gaat bijvoorbeeld tijdelijk naar een andere stamgroep. In dit gesprek wordt gezamenlijk bekeken hoe het probleem kan worden aangepakt. Als er een oplossing is bedacht, gaat het kind weer terug naar de eigen stamgroep en start bij een volgend incident in fase 1. Een nieuwe dag, een nieuw begin.

Er zijn grenzen aan het steeds opnieuw starten van fase 1. Als een kind meer dan drie keer het traject van de verschillende fases helemaal heeft doorlopen, zal in overleg met de ouders gekeken moeten worden of onze school voor dit kind de meest passende school is.

IQ

Het IQ is een van de meest gangbare maten voor intelligentie en meet de cognitieve vaardigheden. Bij kinderen, bij wie de intelligentie nog sterk in ontwikkeling is, gebeurt dat in relatie tot de gemiddelde intelligentie van de leeftijdsgroep. Het gemiddelde IQ ligt tussen 90 en 110.

Kosteloos materiaal

We zijn héél blij, dat zoveel ouders voor ons kosteloos materiaal sparen, zoals closetrolletjes, dozen, doppen, blikken, plastic bakjes etcetera. Bij gebrek aan opbergruimte willen we u vragen om dit thuis te bewaren. Als we materiaal nodig hebben, plaatsen we een oproep in de Boni-Nieuws.

Nieuwe kleuters

Als je vier jaar wordt, mag je naar de basisschool. Dat is een hele overgang! Om wat te wennen mogen de kinderen vier dagdelen van te voren even komen kijken. Wanneer? Overlegt u dit met de stamgroepleider van de kleuterbouw.

Schoolarts

Het komende schooljaar zullen ook weer onderzoeken door de jeugdverpleegkundige en jeugdarts met assistente plaatsvinden. Groep 2 wordt onderzocht door de jeugdarts en assistente. Groep 7 wordt onderzocht door de jeugdverpleegkundige. Verder worden sommige kinderen voor een extra controle uitgenodigd. Als u als ouder of verzorger zelf nog vragen hebt of een onderzoek wilt voor uw kind, dan kunt u naar de GGD bellen en contact opnemen met Bernita Bruinsma: 06 - 46 42 36 22 of Dit emailadres is beveiligd tegen spambots, u heeft javascript nodig om het te kunnen bekijken

Schoolfotograaf

Elk jaar wordt de school bezocht door de schoolfotograaf. Deze fotografeert de stamgroepen. Daarnaast maakt hij individuele portretjes of groepsportretjes van broertjes en zusjes. Alle broertjes en zusjes op school gaan automatisch samen op de foto.

Schoolkamp

We starten ieder schooljaar met een avontuurlijk, spannend en fantasievol kamp voor de kinderen, de stamgroepleiders èn de ouders.

Waarom gaan we op kamp? Het is voor onze Jenaplanschool een manier om aan het begin van het schooljaar meteen al een leef- en werkgemeenschap te worden. De kinderen leren elkaar op een andere wijze kennen. Ze spelen lekker buiten in het bos, op de hei, in het veld of bij de sloot. Ook de teamleden zien de kinderen, de ouders en elkaar eens in een andere omgeving. Samen een band opbouwen, waar we de rest van het jaar op verder kunnen bouwen en waar we met heel veel plezier naar terug kijken! Al met al een reuze viering!

Elk jaar is het weer een grote uitdaging! Steeds streven we ernaar er minstens zo’n mooi kamp van te maken als het jaar ervoor. Dat is een leuke, maar beslist ook een hele klus! Gelukkig zijn er heel veel ouders die graag betrokken willen zijn bij deze geweldige happening. En juist door deze onderlinge samenwerking krijgt het kamp zijn unieke waarde.

Onder begeleiding van de hun bekende stamgroepleiders èn ouders blijven de groepen:
- 6 t/m 8 woensdag- én donderdagnacht slapen;
- 3 t/m 5 donderdagnacht slapen.

Groep 1-2 komen op donderdagavond om ongeveer 20.00 uur terug bij school. Zij hebben vrijdagmorgen vrij. Vrijdagmiddag komen de groepen 3 t/m 8 weer op school voor het slotspektakel. We verwachten die vrijdagmiddag dan ook de kinderen van groep 1 en 2 weer op school te zien. Het kamp wordt dan op een spetterende wijze afgesloten met een slotspektakel!

Aan het eind van de schoolperiode gaat groep 8 bovendien nog drie dagen samen op kamp!

Schoolwoonkamer

In het Jenaplanonderwijs gebruikt men het begrip schoolwoonkamer i.p.v. klaslokaal. De schoolwoonkamer is de plaats waar alles in het werk is gesteld om een huiselijke sfeer voor de kinderen te creëren. De ruimte nodigt uit tot het gezamenlijk nemen van verantwoordelijkheid van beheer en verzorging. De kinderen hebben op een van te voren afgesproken tijd klassenbeurt. 'De beurt' laat onverlet dat ieder in de groep (inclusief de stamgroepleider) met zorg met de groepsruimte en wat daar aanwezig is omgaat.

In de schoolwoonkamers kunt u het volgende zien :
- de kinderen worden hier uitgedaagd om iets te doen;
- er zijn materialen die daartoe uitnodigen: kijktafel of thematafel, werkmiddelen in open kasten, boeken, computers, spelmateriaal;
- de kinderen kunnen zelf hun materiaal pakken en weer terug leggen;
- er zijn meer plaatsen om te werken dan er kinderen zijn;
- je vindt er tafelgroepen;
- er is een instructietafel;
- er kan een kring gemaakt worden;
- er is een herkenbare en opvallende plek voor bijzondere dingen, die kinderen meegebracht hebben;
- er is veel uitstallingsruimte zowel verticaal (prikborden en achterkanten van kasten) als horizontaal (tafels en planken);
- er zijn zo mogelijk hoogteverschillen (bijvoorbeeld middels een zoldertje);
- er zijn kussens voor de kinderen om op te liggen;
- er is voldoende licht om te lezen en ander werk te doen;
- er kan door kinderen ook op de vloer gewerkt worden;
- door linoleum kan de ruimte goed schoon gehouden worden;
- er is verbinding met buiten, via ramen, een deur naar het plein en/of de tuin;
- er zijn planten die door de kinderen verzorgd worden (ook zelf uit zaad gekweekte planten);
- er zijn mooie kleuren gebruikt waartegen de werkstukken mooi uit kunnen komen;
- er zijn actuele activiteiten en interesses van kinderen te herkennen.

Iedere stamgroep kiest aan het begin van het schooljaar een eigen naam. Deze naam is elk jaar weer belangrijk bij het 'eigen' maken van het lokaal. Iedere schoolwoonkamer heeft dan ook een eigen, uniek gezicht!

Tussenschoolse opvang (TSO)

Voor alle kinderen van onze school bestaat de mogelijkheid om op maandag, dinsdag en donderdag over te blijven. Ze worden hierin begeleid door vrijwillige overblijfkrachten (moeders of vaders). De organisatie hiervan berust bij de Overblijfcommissie. Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor de tussenschoolse opvang.

Verjaardagen

Als kinderen jarig zijn, vieren we dat met de hele groep. Uw kind mag op zijn/haar verjaardag trakteren, liefst op iets gezonds. Uw kind gaat met 2 vriendjes de groepen rond om gefeliciteerd te worden door de andere stamgroepleiders. De stamgroepleiders willen graag dezelfde traktatie als de kinderen.

Verkeer rondom de school

Wij verzoeken een ieder het volgende:
- als het kan lopend of op de fiets naar school;
- let op: auto's aan de schoolzijde parkeren, zodat kinderen niet meer hoeven over te steken en de straat overzichtelijker is voor fietsers.

Verschillen in onderwijsvormen

Het is maar tot op zekere hoogte nuttig verschillende onderwijsvormen met elkaar te vergelijken, omdat er veel verschillen zijn tussen scholen binnen een stroming. Bij een schoolkeuze is het belangrijk dat die éne school goed past bij ouders en kind(eren). Bij een school sfeer proeven en kritische vragen stellen is waar het uiteindelijk om gaat. Een stabiel team draagt bij aan de kwaliteit van een school. De meeste reguliere scholen hebben elementen uit verschillende stromingen overgenomen.

Enkele basisverschillen: Het grootste verschil tussen Jenaplan en Montessori is dat Montessori meer individugericht is dan Jenaplan. Er zijn bijvoorbeeld minder kringgesprekken. Bij Jenaplan ligt iets meer de nadruk op de sociale ontwikkeling van kinderen. Verder heeft een Montessorischool vaste Montessori-lesmethoden en -lesmaterialen. Jenaplan kent geen vaste "Jenaplanmethoden" of "Jenaplanlesmaterialen". Bij Jenaplanscholen kiezen de docenten uit het aanbod van methoden de best passende.

Bij Dalton zijn de begrippen "zelfstandig", "verantwoordelijk" en "samen" belangrijke uitgangspunten. Binnen het Jenaplan komen deze begrippen ook voor als onderdeel van het door Peter Petersen in 1950 ontwikkelde Jenaplanconcept "zelfstandigheid, verantwoordelijkheid, respect, sociale vaardigheid en creativiteit". Het duidelijkste verschil is dat bij Dalton kinderen in een jaargroep zitten, terwijl bij Jenaplan verschillende leeftijden bij elkaar in één groep zijn ondergebracht (de stamgroep).

De Vrije Scholen gebruiken de uitgangspunten van Rudolf Steiner (grondlegger van de Antroposofie) als fundament voor hun visie. Jenaplanscholen hebben 20 basisprincipes die zij als uitgangspunt nemen. Zie hiervoor de schoolgids of één van de Jenaplanwebsites. De Vrije School werkt met een klassikale structuur. Bij een Vrije School krijgen de kinderen een paar weken achter elkaar les in hetzelfde vak (periodeonderwijs), en houdt elke klas dezelfde leerkracht gedurende zes jaar. Bij Jenaplan houdt elke stamgroep twee of drie jaar dezelfde stamgroepleider.

Freinet en Jenaplan vertonen veel gelijke trekken. Binnen het Freinetonderwijs heeft het ambachtelijk (hand)werken meer de nadruk en bij Jenaplan de pedagogische insteek.

Vervoer van kinderen

Als ouders kinderen in hun auto vervoeren naar bijvoorbeeld een museum, kan dat alleen als ze zelf een inzittendenverzekering hebben afgesloten en zich houden aan het aantal inzittenden, dat volgens de verzekering mee mag. Eigen kinderen kleiner dan 1,35 meter zijn verplicht om in een goedgekeurd kinderzitje te zitten. Als er op de achterbank al twee kinderzitjes in gebruik zijn, mag een kind op de overgebleven zitplaats de gordel gebruiken. Bij incidenteel vervoer over beperkte afstand mogen 'gast'kinderen gebruik maken van de gordel.

Vervoerskosten

Als er voor uw kind geen school is binnen redelijke afstand van uw huis, heeft u recht op een gehele of gedeeltelijke vergoeding van vervoerskosten. Onder 'redelijk' wordt dan verstaan: ongeveer binnen 6 kilometer, begaanbaar en veilig voor een kind. De gemeenteraad van uw woonplaats heeft een regeling voor vervoerskosten vastgesteld. In de regeling wordt rekening gehouden met uw voorkeur voor een bepaald soort school in verband met uw godsdienst of levensbeschouwing. Informatie hierover kunt u bij uw gemeente aanvragen.

Verzekeringen

Ouders die op school of voor school activiteiten verrichten, zijn verzekerd tegen wettelijke aansprakelijkheid.

Ziekte en doktersbezoek

Probeert u zoveel mogelijk afspraken met dokter, tandarts etc. buiten de schooluren te maken. Dit voorkomt onnodig ziekteverzuim. Wilt u bij ziekte van uw kind de school hiervan graag voor half negen telefonisch op de hoogte stellen: 0519 - 29 29 68. Als we nog niets hebben gehoord rond tien uur nemen wij zo mogelijk even contact met u op.

Zwemmen

Iedere donderdag krijgt groep 3,4 en 5 zwemonderwijs. We zwemmen met de hele groep. Alleen om medische redenen kan hiervan worden afgeweken. De groep staat onder leiding van de stamgroepleider, ondersteund door een stagiaire of ouder. De kosten voor het vervoer per bus van school naar het zwembad en weer terug bedragen € 65,00 per kind per jaar. U krijgt hiervoor een nota. Officieel is dit een vrijwillige bijdrage, maar als ouders dit niet willen betalen, zullen we moeten lopen en dat kost wel heel veel tijd. De eerste en de laatste donderdag van het schooljaar is er geen zwemmen.

 

 
 


img_4634bnieuws

Opbrengst Vastenactie
Bouwen met Bouma's...

Lees meer...
 

Katholieke Jenaplanschool Sint Bonifatius - Kapellaan 3 - 9101 WB Dokkum - 0519 29 29 68 - info@bonischool.nl

copyrights 2010 Sint Bonifatius Jenaplanschool - ontwerp en realisatie LauwersDesign

begin info jenaplan kids ouders foto nieuws zoeken

 

begin info jenaplan kids ouders foto nieuws zoeken
 

 

 
begin info jenaplan kids ouders foto nieuws zoeken